)
Transactionele analyse: vanuit welke rol praat jij?
Je zit tegenover een collega en je hoort jezelf zeggen: "Je had dit echt eerder moeten aanleveren." Je bedoelt het als een gewone opmerking, maar de toon zit er strak in. Aan de andere kant van de tafel verandert er iets. Je collega slaat de armen over elkaar en zegt: "Ik doe ook nooit iets goed, hè." Binnen tien seconden gaat het over jullie in plaats van over het rapport.
Zo’n gesprek ontspoort zelden door de inhoud. Het ontspoort door de rol van waaruit je praat. De een spreekt als een strenge ouder die corrigeert, de ander reageert als een kind dat zich aangevallen voelt.
Psychiater Eric Berne beschreef dat patroon met de transactionele analyse.1 In dit artikel lees je wat het model inhoudt, welke drie posities er zijn, hoe ze elkaar uitlokken en hoe je een vastgelopen gesprek op het werk weer vlot trekt.
29-7-2026
4 min. leestijd
Wat is transactionele analyse?
Transactionele analyse (TA) is een theorie over communicatie en gedrag, ontwikkeld door psychiater Eric Berne in de jaren vijftig en zestig.2 De kern: in elk gesprek vindt een transactie plaats, een actie en een reactie, en die verloopt telkens vanuit een van drie innerlijke posities.
Het model wordt breed gebruikt in coaching, training en mediation, juist omdat het zo praktisch is. Je hoeft geen psycholoog te zijn om te merken dat een gesprek kantelt zodra iemand een bepaalde toon aanslaat.
Voor conflicten op het werk is TA om die reden bruikbaar. Het verklaart waarom een arbeidsconflict zelden ontstaat door wát er gezegd wordt, en veel vaker door hóé het gezegd wordt.
De drie ego-posities: Ouder, Kind en Volwassene
De Ouder: regels en oordeel
De positie van regels en oordeel. Je corrigeert en legt uit hoe het volgens jou hoort: "zo doen we dat hier niet." De Ouder kan streng klinken, maar ook zorgzaam: de collega die ongevraagd je werk overneemt omdat hij denkt dat jij het niet redt, zit in dezelfde positie.
Het Kind: gevoel en impuls
De positie van gevoel en impuls. Je reageert vanuit wat je op dat moment voelt: boos, bang of teruggetrokken. "Dan doe ik het toch lekker niet." Ook het Kind heeft meerdere gezichten: het kan mokken en zich terugtrekken, maar ook speels en spontaan zijn.
De Volwassene: weegt en kiest
De positie die weegt en kiest. Je kijkt naar de feiten, weegt de opties en bepaalt bewust hoe je reageert. Vanuit de Volwassene kun je iets moeilijks zeggen zonder dat het gesprek ontploft.
Deze posities draaien om de houding die het gesprek even van je overneemt. Met leeftijd heeft het niets te maken. Iedereen beschikt over alle drie en wisselt er op een dag meerdere keren tussen.
Hoe de posities elkaar uitlokken
Het bijzondere aan het model is dat de posities elkaar oproepen. Praat jij vanuit de Ouder, met een toon van "zo hoort het", dan duw je de ander bijna vanzelf in het Kind. En andersom: iemand die vanuit het Kind mokt, lokt bij de ander de strenge Ouder uit. Zo ontstaat een vaste dans waarin beide posities elkaar in stand houden.
Daar zit meteen het aanknopingspunt: omdat de posities op elkaar reageren, verandert het hele gesprek vaak zodra één van beiden uit de eigen rol stapt. Het verklaart ook waarom een conflict met een collega zo hardnekkig kan zijn. Het patroon eromheen houdt het in stand.
Terugschakelen naar de Volwassene
Begin bij jezelf. Merk je dat je zinnen beginnen met "je moet" of "je had"? Dan zit je waarschijnlijk in de Ouder. Voel je je aangevallen en wil je je terugtrekken of juist terugslaan? Dan neemt het Kind het over.
Schakel terug door bij de feiten te blijven en oprecht te vragen. In plaats van "je levert altijd te laat" zeg je: "Het rapport was er donderdag nog niet. Wat speelde er?" Een korte pauze voordat je reageert is vaak al genoeg om die omschakeling te maken.
Vragen die beginnen met wie, wat, wanneer of hoe helpen daarbij, omdat ze de ander uitnodigen ook naar de feiten te kijken. Je hoeft je karakter niet te veranderen, alleen de positie waarin je op dat moment schiet.
Feedback geven vanuit de Volwassene
Nergens is het verschil tussen de posities zo goed zichtbaar als bij feedback. Feedback vanuit de Ouder voelt als een standje: ze gaat over de persoon, bevat een oordeel en roept verzet op. "Je bent onzorgvuldig."
Feedback vanuit de Volwassene is concreet, feitelijk en gelijkwaardig: ze beschrijft wat je hebt waargenomen en laat ruimte voor het antwoord. "In de laatste twee rapporten stonden cijfers die niet klopten. Hoe kwam dat?" Meer daarover lees je in ons artikel over feedback geven aan een collega.
Als het samen niet meer lukt
Bij een echt conflict zitten beide mensen soms zo vast in hun rol dat ze er samen niet meer uitkomen. De Ouder en het Kind houden elkaar in een houdgreep, en elke poging tot een gesprek loopt op hetzelfde uit.
Wil je weten hoe ver een conflict al gevorderd is, dan geeft de escalatieladder van Glasl daar een goed beeld van. Zit het echt vast, dan helpt een buitenstaander. Bij arbeidsmediation zorgt een mediator ervoor dat beide partijen weer vanuit de Volwassene met elkaar praten, zonder oordeel en zonder oude patronen. Vaak blijkt het conflict dan kleiner dan het patroon dat eromheen was gegroeid.
Veelgestelde vragen
De Ouder (regels en oordeel), het Kind (gevoel en impuls) en de Volwassene (weegt en kiest op basis van feiten). Je praat altijd vanuit een van deze drie posities, en je wisselt er op een dag meerdere keren tussen.
Bronnen
1. Berne, E. (1964). Games People Play: The Psychology of Human Relationships. New York: Grove Press.
2. Berne, E. (1961). Transactional Analysis in Psychotherapy. New York: Grove Press.
Haal voordeel uit je conflict
Result ADR heeft de tools en expertise in huis om conflict in goede banen te leiden. We maken graag off- of online kennis. Bel ons of laat je gegevens achter en we nemen zo snel mogelijk contact met je op.